De Berenloop Marathon op Terschelling is voor de atleten een echte uitdaging. De route omvat het gehele eiland: van West naar de Boschplaat, door de polder, de duinen, het bos en over het strand met start en finish onder de Brandaris. Het weer: zonnig en weinig wind, werkte mee. Willem Hofman uit Winsum was gisteren een van de 500 deelnemers op de marathon. Hij noteerde bij de mannen 40+ een tijd van 3.53.47 uur en werd hiermee 20e.Deze tijd betekende een persoonlijk record. Hij verbeterde zijn oude toptijd op de marathon met 2.01 minuten. Gefelciteerd! Het verslag van Willem met foto`s volgt hieronder.

 

Topdag op Terschelling

Een jaar geleden had ik voor het eerst kennis gemaakt met de Berenloop op Terschelling. Ik liep toen de halve marathon en was erg positief verrast door de sfeer van het evenement. Dat de organisatie op een Waddeneiland een mooi parcours kan uitzetten, had ik op Ameland en Schiermonnikoog al meegemaakt, maar het enthousiasme van de eilanders tijdens de Berenloop maakte het helemaal bijzonder. De deelnemers aan de hele marathon worden steevast als laatste weggeschoten. Daardoor kunnen ook de halve marathon lopers na hun tocht aansluiten bij de andere toeschouwers om de hele marathon lopers feestelijk in te halen. Toen ik vorig jaar op het 41 km punt was aangesloten en de marathon lopers bijna één voor één vanuit het bos West-Terschelling zag binnen druppelen, wist ik meteen: volgend jaar loop ik hier de hele afstand.

De zomervakantie 2018 was toen al lang en breed geboekt: twee weekjes ... Terschelling! Alle gelegenheid dus om de andere helft van het parcours te verkennen. Door de hitte eind juli werd er soms al bij zonsopgang getraind in natuurgebied De Boschplaat. De lange duurlopen stonden gelukkig pas gepland voor september. En in oktober heb ik nog meegedaan aan wedstrijden in onder andere Leek en Amsterdam om zo nu en dan ook even goed in de verzuring te lopen. In de voorbereiding op Hamburg had ik dat niet echt gedaan en toen het daar zwaarder werd, had ik naar mijn mening iets te snel de kop laten hangen.

En zo reisde ik op de eerste zondag van november af naar Terschelling. Net als in Rotterdam traden mijn vader en twee vrienden op als verzorgers en supporters. Destijds was dat goed voor mijn huidige PR op de marathon. Wie weet zou het nu ook tot succes leiden. Op papier is het parcours op Terschelling veel zwaarder dan dat van de drie stadsmarathons waaraan ik had deelgenomen, maar zowel in Berlijn, Rotterdam als Hamburg was het 20 graden in de schaduw en hardlopen in de warmte is niet mijn ding. Dus toen de weersvoorspelling voor de Berenloop bekend was (maximaal 11 graden, zon en een matige zuidoostenwind), was een persoonlijk record op voorhand niet eens kansloos.

Terwijl de ruim 3.500 halve marathon lopers al bijna drie kwartier onderweg zijn, vertrekken de 500 marathonlopers om 12.40 uur voor hun ronde over het hele eiland. De eerste vijftien kilometer loopt men van dorpje naar dorpje. Na een rondje door West-Terschelling en langs de haven, wordt de hoofdweg van het eiland bereikt en loopt de route langs Halfweg, Baaiduinen, Midsland, Formerum, Lies en Hoorn. De bewoonde wereld eindigt in Oosterend. Vanaf daar gaat de route over De Boschplaat en volgen de mooiste tien kilometers van de dag. Op golvende fietspaden door heide en duinen wordt op kilometerpunt 18 het meest oostelijke punt van het parcours bereikt. Gelukkig hebben alle lopers daar nog oog voor het prachtige decor waarin deze marathon zich afspeelt. Zelf moet ik even kort stoppen. Sinds de zomer heb ik een lichte hamstringblessure en ook mijn linker lies begint te zeuren. Door de problemen in het linkerbeen word ik gedwongen een beetje met de rem erop te lopen. Maar misschien is dit juist wel een voordeel, want was ik in Rotterdam en Hamburg niet te hard van start gegaan om daarvoor later de rekening gepresenteerd te krijgen? Halverwege bedraagt de achterstand op mijn PR van Rotterdam slechts twee minuten en na 30 km is dat drie minuten. Met de lange wandelpauzes in het Kralingse Bos in het achterhoofd, is er dus nog niets verloren.

De aanmoedigingen onderweg blijven hartverwarmend. Of je nu uit het Hoornse Bos of het Formerumer Bos komt, tientallen mensen vormen een welkomstcomité en schreeuwen je weer vooruit. Maar na 33 km volgt het onvermijdelijke: de passage over het strand. De klim naar de top van de strandovergang bij Midsland aan Zee breekt mijn ritme. Het lukt me net niet om tot boven door te rennen. De eerste korte wandelpauze volgt. De tweeëneenhalve kilometer over het strand weet ik wel weer rennend af te leggen, maar ik merk dan wel dat de energiereserves nagenoeg opgebruikt zijn. De strandovergang terug naar West aan Zee is nog zwaarder. Ik besluit het niet eens te proberen om de klim door mul zand rennend af te leggen. Een tweede wandeling volgt. Eenmaal boven weet ik dat ik voor de laatste zes kilometer tempo 10 moet proberen aan te houden. Dan zou ik daarnaast namelijk nog twee minuten marge hebben voor een eventueel laatste stukje wandelen.

Na een open stuk bereik je vijf kilometer voor de streep het fietspad door het bos richting West-Terschelling. Dit pad heet Longway en die naam is meer dan treffend. 

Na elke bocht hoop je de uitgang van het bos te zien, maar als je de kilometerbordjes volgt, weet je dat het nog niet zo ver kan zijn. De zon is inmiddels zo ver gezakt dat de temperatuur naar beneden giert. Kou op de kuiten, kramp lijkt aanstaande. Dat wordt nog even op eieren lopen. En toch houd ik het op de een of andere manier vol en bereik ik de laatste verzorgingspost op anderhalve kilometer voor de streep. Op de klok nog elf minuten en ik realiseer me dat ik het ga halen! Heel kort wandel ik en drink het laatste bekertje water en zet mezelf dan voor de laatste keer in gang. Dan doemt de boog van de laatste kilometer op. Daar staat een speaker die alle lopers terug verwelkomt in West. In een bocht naar links staat een fanatieke groep toeschouwers te klappen. Nog een paar bochten. Driehonderd meter voor de streep volgt nog een passage door een steegje waar veel kroegen zijn gevestigd. Iedereen staat buiten en ik moet me een weg banen door de drukte en een orkaan van geluid. Dan nog twee keer rechts en daar is de rode loper naar de Brandaris en naar de finish.

De klok stopt voor mij op 3.53.47, een aanscherping van m'n persoonlijk record met twee minuten. Het genieten lukt nog niet direct, ik ben helemaal leeg. De medaille moet naar me toegebracht worden. Op het Brandarisplein staan diverse stalletjes met van alles om de inwendige mens te versterken. Eenmaal op adem loop ik als een pinguïn richting de sporthal, op weg naar de warme douche en warme kleren. Na het diner volgt de boottocht terug naar Harlingen en komt het besef: het was een topdag op Terschelling!

Sponsoren

Foto's

  • Bekijk alle foto's

    Geen feed gevonden

    Facebook